Ondersteuningsaanbod: we ondersteunen uw school graag in elke fase van uw CSIP-zelfevaluatieproces. Geef feedback op de Community-pagina of schrijf naar ACSI op acsieurope@gmail.com.

Ondersteuningsverzoek

Introductie

Ons lidmaatschap

Inloggen / Mijn instellingen

Zelfevaluatie

Mijn schoolrapportages

Strategische doelen

Professionele diensten

Woordenlijst

Basis documenten
Een samenhangende reeks documenten opgesteld door de school die haar bestaansreden en unieke identiteit schetsen. Deze omvatten, maar zijn niet beperkt tot, uitspraken over: geloof, missie, visie, kernwaarden, schoolbrede schoolverlatersprofielen, christelijke onderwijsfilosofie.
Beschreven beleid en procedures
Zie bijlage 2 voor een volledige definitie en beschrijving.
Beschrijving
Verklaringen die een beeld geven van hoe de naleving van een bepaalde indicator eruit zou kunnen zien. Deze worden door ACSI Europe gepresenteerd in de vorm van een rubriek en helpen de school bij het bepalen van het niveau van naleving van elke indicator.
Bijbels wereldbeeld
Een levensvisie die besut gevormd is door het grote verhaal en de principes die in de Bijbel worden onderwezen.
Christelijk karakter
De persoonlijke kwalitieten waartoe christenen in het Nieuwe Testament worden aangesproord als antwoord op het verlossende werk van Jezus en Zijn leven tot voorbeeld.
Christelijke identitiet
De kenmerken van de school die haar onderscheiden van een school die niet christelijk is. Dit zou kunnen omvatten, maar is niet beperkt tot: Bijbelse wereldbeeld-integratie over de vakgebieden heen, het expliciet onderwijzen van Bijbelse inhoud, de praktijk van gebed en aanbidding, het onderwijzen en modelleren van een christelijk karakter en relaties.
Christelijke onderwijsfilosofie
Zie bijlage 1 voor een volledige definitie en beschrijving.
Data
Verzamelde kwantitatieve en kwalitatieve informatie die inzicht geeft in besluitvorming.
De inhoud van de Bijbel
De expliciete leer van de Bijbel, inclusief het grote verhaal, principes en toepassing.
Dienen
Activiteiten van leerlingen en medewerkers die gericht zijn op het voorzien in de behoeften van anderen. Dit kan binnen of buiten de schoolgemeenschap zijn.
Dienend leiderschap
Dienend leiderschap is gebaseerd op het idee dat leiders een groter goed dienen in plaats van zichzelf. Dienend leiderschap tracht een visie te bereiken door anderen te ontwikkelen en sterke ondersteuning te bieden voor die groei in plaats van controle te krijgen. Dit wordt het best gemodelleerd in de houding en de aardse bediening van Jezus.
Doelen
Verklaringen die aangeven wat de school wil veranderen of invoeren. Deze moeten duidelijk, uitvoerbaar, tijdgebonden en afgestemd zijn op de missie en visie van de school.
Effectiviteit van de organisatie
Het vermogen van de school om haar beschikbare middelen optimaal in te zetten om haar missie en visie te vervullen.
Evaluatie
De strategieën die worden gebruikt om te bepalen in hoeverre de doelen zijn bereikt. Dit omvat strategieën die worden gebruikt om feedback te vragen tijdens een proces en strategieën die prestaties meten na voltooiing.
Filosofie
De meest fundamentele overtuigingen, concepten en attitudes van een individu of groep. Het denksysteem dat de school zal leiden.
Geestelijke groei
Het door de Heilige Geest geleide proces van verdieping in de relatie met God en het ontwikklen van een christelijk karakter. Zie bijlage 4 voor informatie over de evaluatie van geestelijke vorming.
Geestelijke vorming
Het onderwijzen en opvoeden van leerlingen in hun groei in relatie met God, in afhankelijkheid van het werk van de Heilige Geest in het leven van elk individu.
Geloofsgrondslagen
Een duidelijke beschrijving van de leerstellige positie van de school, inclusief de kerkelijke verbondenheid, indien van toepassing.
Het integreren van een Bijbels wereldbeeld
Het dynamische proces van het ontwikkelen van een samenhangende, op God gerichte kijk op de wereld die terugkomt in het dagelijks leven. In de klas heeft dit invloed op hoe de inhoud van het leerplan aansluit bij, wordt getransformeerd door en / of wordt onderscheiden van de waarheid die God ons in de Bijbel heeft geopenbaard.
Hoger order denken
Denkprocessen die verder gaan dan het terugroepen van informatie naar de synthese en evaluatie van ideeën (bijvoorbeeld de taxonomie van Bloom). Deze processen omvatten het overwegen van verschillende perspectieven op een onderwerp, het onderzoeken van relevant bewijsmateriaal en het vormen van conclusies.
Indicator
Beschrijvingen van voorbeeld praktijken, processen en procedures die duidelijk zichtbaar zijn in zeer effectieve onderwijsprogramma’s.
Inhoud van het curriculum
De specifieke kennis en vaardigheden die leerlingen zullen worden aangeleerd. Dit wordt over het algemeen opgelegd door de staat, maar sommige scholen hebben mogelijk enige flexibiliteit om bepaalde inhoud toe te voegen, te verwijderen of te vervangen.
Input
Bijdragen ten behoeve van besluitvorming
Instructie programma
De geplande activiteiten, ontworpen door leraren, waaraan leerlingen deelnemen met de bedoeling om te gaan voldoen aan de schoolbreed beschreven leerlingverwachtingen.
Instructie
De strategieën die een leraar gebruikt om curriculaire inhoud te presenteren.
Kernwaarden
Een reeks waarden die leden van de schoolgemeenschap als belangrijk beschouwen en die ze graag naleven. Deze principes sturen de praktijk van de school bij het vervullen van haar missie en visie.
Kritisch denken
Het proces van het overwegen van verschillende perspectieven op een onderwerp, het onderzoeken van relevant bewijsmateriaal en het vormen van conclusies.
Leeractiviteiten
Alle formele/geplande en informele/ongeplande activiteiten die leerlingen ervaren als onderdeel van het schoolprogramma. Dit omvat zowel curriculaire als extra / co-curriculaire activiteiten.
Leerlingverwachting
Wat de school bewust beoogt voor alle leerlingenom te weten, geloven, begrijpen, prefereren en kunnen doen op academische en niet-academische gebieden. Zie bijlage 3 voor meer informatie.
Leiderschap
Degenen die een specifiek verantwoordelijkheidsgebied en verantwoordelijkheid dragen voor de besluitvorming voor de school.
Leidinggevende kaders
Het samenhangend leiderschap van toezicht en bestuur op en van alle activiteiten van de school en die de verantwoordelijkheid neemt voor het bevorderen van de missie en visie van de school, terwijl het zorgt voor checks and balances.
Missie
Een duidelijke en inspirerende verklaring van wat de school wil bereiken en waarom deze bestaat.
Op de Bijbel gebaseerde relaties
De keuze om de interactie door waarheid en liefde te laten leiden, in het besef dat elke persoon een gevallen beelddrager van God is. Nederigheid, waardigheid, vertrouwen en verzoening worden gewaardeerd.
Personeel
Iedereen met een verantwoordelijke positie op school.
Probleemoplossingen
Relationele praktijken, gebaseerd op Bijbelse principes, die mensen in staat stellen om terreinen waarop onenigheid bestaat aan te pakken op een manier die vertrouwen behoudt en positieve oplossingen oplevert.
Rubriek
Een hulpmiddel dat tijdens het proces van zelfevaluatiewordt gebruikt om de mate van naleving van elke indicator te bepalen. De door ACSI Europe ontwikkelde rubrieken bevatten descriptoren voor vorming, ontwikkeling, rijping en bloei.
Samenwerkend
Samenwerken met anderen op een manier die open communicatie, het delen van middelen en expertise en consensusvorming bevordert.
Samenwerking
Een proces dat open communicatie, het delen van middelen en expertise en consensusvorming bevordert.
Schoolgemeenschap
Alle individuen of groepen die direct of indirect belang hebben bij, betrokken zijn bij of investeren in de realisatie van de missie en visie van de school. Dit omvat, maar is niet beperkt tot: leiderschap, leraren, ondersteunend personeel, leerlingen, ouders, kerken, donateurs.
Sensitiviteit
Wederzijds respect en zorg voor anderen, ongeacht persoonlijke, culturele, confessionele of andere vormen van diversiteit.
Standaard
Een terrein van kwaliteitspraktijk.
Strategisch ontwikkelingsplan
Een document dat de betekenisvolle, haalbare doelen schetst waar de school momenteel op is gefocust, de strategieën die moeten worden geïmplementeerd om deze doelen te bereiken, de verantwoordelijken en het tijdsbestek waarbinnen ze naar verwachting zullen worden bereikt.
Strategisch planningsproces
Het gezamenlijke, voortdurende proces van gegevensverzameling en -analyse, planning en het stellen van doelen, implementatie en evaluatie, met als doel de school effectiever haar missie en visie te laten nastreven.
Strategische ontwikkelingsdoelen
De doelen die zijn gesteld als onderdeel van het strategische planningsproces dat de school binnen een bepaalde tijd wil bereiken. Deze doelen zijn betekenisvol, haalbaar, duidelijk en afgestemd op de missie en visie van de school.
Strategische samenwerkingen
Verbindingen en samenwerking met andere christelijke scholen en organisaties met het oog op wederzijdse groei en ondersteuning.
Verzorgt
Trachten de leerling te ontwikkelen tot de man of vrouw die God wil dat ze zijn. Het gaat om onderwijs, maar ook om liefdevolle zorg en begeleiding.
Visie
Een beschrijving van de gewenste toekomst van de school die in overeenstemming is met haar christelijke fundamenten en identiteit.

Bijlage 1: Christelijke onderwijsfilosofie

Lesgeven is geen neutrale activiteit, maar is gebaseerd op veronderstellingen over de wereld en de plaats van de mens in die wereld. Een duidelijk geschreven document waarin de christelijke opvoedingsfilosofie van de school wordt geschetst, biedt een kader waarbinnen leraren hun eigen benadering van het curriulum kunnen vormen. Het ondersteunt het proces van integratie van de Bijbelse wereldbeschouwing in alle vakgebieden en de bevordering van de missie en visie van de school.

Dit document beschrijft wat de school gelooft over:
  • Het doel (doelen) van christelijk onderwijs en hoe dit zich onderscheidt van de bredere (seculiere) onderwijsomgeving.
  • De natuur van het kind / de leerling.
  • De natuur en rol van de christelijke leraar in de klas en in het leven van leerlingen.
  • De aard van het leerproces, curriculaire inhoud en beoordeling.
  • De aanvullende rollen van de school, het gezin en de kerk bij de geestelijke vorming van het kind / de leerling.

Bijlage 2: Beleid

Er wordt gesuggereerd dat de school een schriftelijk beleid heeft opgesteld voor ten minste de volgende punten:
  • Bestuur en administratieve procedures.
  • Financieel management
  • Operationeel management
  • Facilitair management
  • Arbeidsprocedures (inclusief klachtenprocedures)
  • Veiligheid en bescherming van kinderen (inclusief maatregelen om intimidatie en pesten te voorkomen en te melden).
  • Klassenmanagement en disciplinaire opvattingen en procedures.
  • Conflict oplossing
  • Geen discriminatie
  • Privacy en gegevensbescherming

Bijlage 3: schoolverlatersprofiel

Schoolverlatersprofielen (SVP’s) worden soms ’Een portret van een schoolverlater’ genoemd, omdat ze de belangrijkste vaardigheden, attitudes en gewoonten beschrijven die de school wil dat hun leerlingen ontwikkelen als gevolg van deelname aan het educatieve (curriculum en extracurriculair) programma. Ze vullen de andere basisdocumenten van de school aan door een beeld te geven van hoe een leerling eruitziet als de school zijn missie en visie verwezenlijkt.j

Het ontwikkelen van een formele verklaring van SVPs is het nuttigst voor een school als:
  • De lijst met SVP’s is ontwikkeld met input van een breed scala aan leden van de schoolgemeenschap zodat deze gemeenschap een gevoel van gedeeld eigenaarschap ervaart.
  • De lijst is onderverdeeld in 4-6 categorieën. Elke categorie krijgt een zinvol, gemakkelijk te onthouden label met subpunten eronder. De labels van de categorieën zijn erg breed, maar de subpunten verdelen de categorie in meer waardeerbare ideeën.
  • De SVP’s worden in de school goed zichtbaar gemaakt (fysiek en virtueel) en regelmatig besproken met alle leden van de schoolgemeenschap. De 4-6 labels worden een gedeelde taal in de hele school waardoor begrip van en betrokkenheid op wordt bevorderd.
  • De SVP’s zijn geïntegreerd in het dagelijkse leven in de klas en zijn niet alleen een onderdeel van stichtelijke lezingen. Leraren overwegen routinematig hoe de academische inhoud die ze onderwijzen en de methoden die ze gebruiken kunnen bijdragen aan de groei van de leerlingen richting de SVP’s. Leraren bereiden lessen dienovereenkomstig voor en onderwijzen deze.
  • Leerlingvoortgang naar de SVP’s wordt regelmatig gewaardeerd en deze waardering wordt gebruikt om programma’s, beleid en praktijken te verbeteren in overeenstemming met de missie en visie van de school. Dit hangt samen met het idee van het in beeld brengen van geestelijke vorming (zie bijlage 4).

Bijlage 4: Evaluatie van geestelijke vorming

Een zekere spanning zit er in het evalueren van geestelijke vorming.

  • Geestelijke vorming is een werk van de Heilige Geest in het leven van een gelovige. Wat God doet is vaak onzichtbaar en staat uiteindelijk onder Zijn controle. Daarom moet de christelijke school voorzichtig zijn met het maken van oordelen over de geestelijke vorming van leerlingen.
    Echter...
  • Christelijke scholen hechten waarde aan geestelijke vorming. Missie, visie en kernwaardeverklaringen benadrukken vaak het verlangen om leerlingen te zien groeien als discipelen van Christus tijdens hun schooltijd en er worden aanzienlijke middelen besteed aan programma’s en activiteiten met dit verlangen voor ogen. Daarom is het evalueren van geestelijke vorming een kwestie van integriteit en rentmeesterschap voor de christelijke school.

Deze realiteiten moeten in dynamische verbinding met elkaar worden gehouden in welk proces dan ook dat wordt gebruikt voor evaluatie van geestelijke vorming zodat het een niet ten koste gaat van het ander. Aangezien een school een eigen, unieke benadering van de waardering van geestelijke vorming bepaalt kunnen een paar principes helpen om deze gezonde spanning levend te houden.

  • Concentreer op dingen waarvoor de school verantwoordelijk is - dat zijn de programma’s en praktijken die de school gebruikt om geestelijke vorming te bevorderen. We moeten ons afvragen: "Hebben deze programma’s en activiteiten de impact die we willen?" in plaats van oordelen over het geestelijke leven van een individuele leerling of afvragen: ’"Reageren deze leerlingen zoals we verwachten?’’
  • Hoewel het werk van God in het hart van een gelovige onzichtbaar is wordt het vaak zichtbaar door herhaalde gedragspatronen. Stel vragen over wat de consistente, waarneembare gedragspatronen van leerlingen kunnen suggereren over het geestelijke klimaat van de school en wat van invloed kan zijn op dat klimaat.
  • Zoek bewust input van alle geledingen van de schoolgemeenschap over deze vragen, in verschillende vormen (kwalitatief en kwantitatief), om blinde vlekken en vervormingen tegen te gaan. Vooral het luisteren naar de stem van de leerlingen zelf is belangrijk.
  • Blijf bescheiden en nederig over de uitkomsten van de evaluatie van geestelijke vorming en erken dat er een zekere mate van subjectiviteit zit in alle conclusies die worden getrokken.
  • Maak de waardering van geestelijke vorming een doorlopend proces zodat conclusies kunnen worden gewogen. De impact van wijzigingen in programma’s of activiteitendie zijn aangebracht als resultaat van de en cyclus worden in de volgende weer geëvalueerd.